TV Krant

Body of lies (2008)


body_01.jpg
CIA-agent Roger Ferris moet in Jordanië een belangrijke terrorist opsporen. Ferris’ chef Ed Hoffman geeft hem vanuit Amerika opdrachten per telefoon. Maar dan beseft Ferris dat het landsbelang voor Hoffman boven alles gaat, ook al zou hij daarvoor Ferris moeten opofferen...

Europa zucht onder bomaanslagen, en de CIA ontdekt dat deze het werk zijn van een nieuwe terroristengroep onder leiding van Al-Saleem (Alon Abutbul). De Amerikaanse inlichtingendienst komt erachter dat hij zich schuilhoudt in Jordanië, en stuurt zijn beste agent, Roger Ferris (Leonardo DCaprio), er op af. Diens chef Ed Hoffman (Russel Crowe) weet via een vernuftig satellietsysteem en oortelefoontjes precies waar Ferris zich bevindt. Maar Hoffmans botte tactiek om Al-Saleem te pakken stuit tegen de borst van Ferris. Hij heeft net een broos verbond gesloten met Hani (Mark Strong), het hoofd van de Jordaanse geheime dienst, en Ferris weet dat hij met respect en eerbied het verst komt in zijn zoektocht. Maar hij weet ook dat als hij Hoffmans opdrachten negeert, deze Ferris zomaar kan opofferen in het landsbelang van Amerika.

In ‘Body of lies’ komen diverse Europese steden voor die met een terroristische aanslag te maken krijgen. Op een gegeven moment staat er in grote letters ‘Noordermarkt, Amsterdam’ in beeld. Maar de plek die we vervolgens te zien krijgen is alles behalve de Noordermarkt, en het is zeker niet Amsterdam! De rest van de wereld zal dit met zalige onwetendheid als zoete koek slikken, maar als Nederlander voel je je toch ietwat bedonderd. En dan is ook nog eens ‘onze’ Carice van Houten, die Leonardo DiCaprio’s vrouw speelde, volledig uit de film gesneden! Waarom zouden we dus überhaupt nog naar ‘Body of lies’ gaan kijken?

Omdat het een vakkundig gemaakte spionagethriller is, bijvoorbeeld. Gebaseerd op het gelijknamige boek van veteraanjournalist David Ignatius, die tien jaar lang de CIA-perikelen in het middenoosten heeft verslagen. Zo’n ‘echte’ bron geeft het verhaal altijd een prettige vorm van realisme mee. Hoewel het in ‘Body of lies’ hier en daar té ontnuchterend werkt. CIA-chef Hoffman maakt beslissingen op leven en dood, maar niet terwijl hij in een hightech epicentrum zit en het zweet in pareltjes van zijn gezicht loopt (onze fantasie). Nee, hij mompelt zijn bevelen achterloos in zijn oortelefoontje, terwijl hij de hond aan het uitlaten is of zijn kinderen naar school brengt. Anticlimax...

Maar tegenover de stoïcijnse Hoffman hebben we gelukkig de energieke Roger Ferris, die wel helemaal aan ons profiel voldoet van geheim agent. Vermomd met een Arabisch baardje leidt hij zijn vijanden om de tuin, redt zich met een rappe tong uit penibele situaties, en als dat niet werkt heeft hij altijd zijn vuisten nog. Tussen het ontwijken van kogels en het wegduiken voor explosies heeft hij zelfs nog tijd voor een opbloeiende romance met een Jordanese verpleegster (neergezet door de talentvolle Iraanse Golshifteh Farahani). Dit klinkt allemaal heel James Bond-achtig, maar DiCaprio speelt dermate intens dat het nergens ironisch of gladjes wordt. Het duurde even voordat hij van zijn bakvissenimago van ‘Titanic’ had afgeschud, maar DiCaprio is de laatste jaren echt een hele goede karakteracteur geworden.

Voor zover de grote namen, maar wie ons echt omver heeft geblazen is Mark Strong. Bij het zien van Hani, hoofd van de Jordaanse geheime dienst, maakten we een mentale notitie dat we later die Arabische acteur die hem speelt even moesten opzoeken, omdat hij zo prachtig speelde. Maar wat blijkt: het is gewoon een westerse Engelsman. Maar Strong kan zó transformeren in een rol, dat je hem onmiddellijk en onvoorwaardelijk gelooft. Zijn Hani heeft onberispelijke manieren, gaat perfect gekleed en voor hem geldt: een man een man, een woord een woord. Hij respecteert Ferris omdat deze de moeite heeft genomen om zich in de Arabische cultuur te verdiepen en de taal te leren. Je begrijpt wat een tenenkrommend, maar daardoor fascinerend staaltje cultuurverschil ontstaat als Hoffman toch een keer de moeite neemt om naar Jordanië af te reizen en met zijn botte ‘Amerika weet het beter’-houding tegenover de charmante hoffelijkheid van Hani komt te staan. Maar Hani laat gelukkig niet over zich heen lopen!

In dit soort scènes voeren de dialogen en het acteerspel de boventoon. Dit klinkt logisch, maar in films van Ridley Scott draait het vooral om het plaatje. Zijn films (o.a. ‘Blade runner’, ‘Gladiator’ en ‘American gangster’) zitten stilistisch perfect in elkaar, en daar is ‘Body of lies’ geen uitzondering op. Elke regendruppel die valt, elk gordijn dat wappert, elk licht dat op een zonnebril valt: bij Scott worden zelfs de meest triviale zaken nog prachtig in beeld gebracht. Hij kickt zo op dat uiterlijk vertoon, dat het verhaal met de bijbehorende emoties soms naar de achtergrond wordt gedrukt. Hierdoor blijf je als kijker opvallend emotieloos bij bijvoorbeeld een martelscène. In plaats van medelijden met het slachtoffer, valt dan alleen maar op hoe prachtig het bloed uit de wond spuit... En je kan je afvragen of dát de bedoeling is.

Vandaag op TV