TV Krant

Wimbledon (2004)


wimbledon_01.jpg
Topsporters zijn soms net gewone mensen. Dat bewijst ‘Wimbledon’, een romantische komedie met ballen.

De gloriejaren van professioneel tennisser Peter Colt (Paul Bettany) liggen alweer een tijdje achter hem. Eens stond hij op de elfde plaats in de wereldranglijst, maar is nu afgezakt naar een treurige 119e plek. Dit jaar doet de Engelsman nog één keer mee aan het prestigieuze Wimbledontoernooi, maar wil er daarna mee stoppen. Vlak voor het toernooi komt hij in contact met de pittige Amerikaanse Lizzie Bradbury (Kirsten Dunst), een rijzende ster aan het tennisfirmament. Voor Peter er erg in heeft, zit hij midden in een stormachtige affaire met haar. De relatie blijkt een ongekend positieve uitwerking op zijn spel te hebben, want de vlinders in Peters buik zorgen ervoor dat hij steeds weer een ronde verder komt. Lizzie vader én coach Dennis (Sam Neill) is minder blij met de romance, omdat hij bang is dat zijn dochters sportieve prestaties eronder lijden. Hij probeert dan ook uit alle macht het contact tussen de twee te verbreken. Ondertussen duikt de pers op Peter, die niet alleen door zijn spectaculaire comeback, maar nu ook door zijn spectaculaire liefdesleven voorpaginanieuws is geworden.

De beide hoofdrolspelers zijn maandenlang getraind door ex-Wimbledonwinnaar Pat Cash om als ‘echte’ tennisspelers over te komen. Dat is zeker gelukt, want de bewegingen van Kirsten Dunst en Paul Bettany zien er geloofwaardig uit. Op zich al een knappe prestatie, als je je bedenkt dat de acteurs eigenlijk in het luchtledige staan te meppen: de tennisbal is namelijk later per computer toegevoegd. Het is een overtuigend staaltje trucage, want geen moment heb je het idee dat je níet naar een echte wedstrijd zit te kijken. De smashes (compleet met oerbrullen), de lobjes, het zweet en de vertwijfeling: alles zit erin. Dat de opnames ook echt op het heilige gras van Wimbledon zijn gemaakt (er is gefilmd tijdens het toernooi van 2003) en dat als commentatoren ex-tennisprofs John McEnroe en Chris Evert te zien zijn, draagt natuurlijk alleen maar bij aan de authentieke sfeer.

Maar sporthaters hoeven niet weg te blijven bij deze film. Want ondanks alle tennisscènes is ‘Wimbledon’ eigenlijk een romantische komedie die zich toevallig op het beroemdste tennistoernooi ter wereld afspeelt. Het grapvolume ligt niet heel erg hoog, maar elke grap die wordt gemaakt is wél meteen raak. Want ondanks dat ‘Wimbledon’ een Engels-Amerikaanse coproductie is, overheerst het Britse gevoel voor humor: dus veel subtiele woordgrapjes, achterloos vileine opmerkingen en uitgestreken gezichtsuitdrukkingen. En dat vinden wij leuk. Hilarisch is ook de discussie die Peter met zijn vaste trainingspartner en goede vriend Diether Prohl (Nikolaj Coster-Waldau) heeft over bijgeloof. Als je in de ‘winning mood’ zit, hou je dan zoveel mogelijk aan vaste rituelen. Als dat betekent dat je om zes uur stipt moet poepen, doe dat dan ook!

Paul Bettany speelt zijn Peter Colt als een charmante Engelse hakkelaar à la Hugh Grant (niet vreemd, want deze rol was in eerste instantie ook voor Grant bedoeld). Maar Bettany brengt gelukkig genoeg eigen charisma mee. De acteur is nog niet echt bekend bij het grote publiek, maar dat komt wel goed uit in ‘Wimbledon’, waarin hij tenslotte een underdog speelt. Hij heeft een doodnormale kop en genoeg humor om ons, het gewone volk, met hem mee te laten leven. Door zijn niet-onoverwinnelijke uitstraling ben je ook oprecht blij als hij weer een ronde verder is geploeterd. Eigenlijk overschaduwt hij Kirsten Dunst, de ‘echte’ ster van de film, die naar komeethoogte is geschoten door haar rol in de ‘Spiderman’ films. Ze speelt het rijzende tennissterretje Lizzie Bradbury een beetje bitchy, met het temperament van tennislegende John McEnroe en het libido van pornolegende Ron Jeremy. Dunst doet het leuk, maar Lizzie’s meedogenloze winnaarsmentaliteit zorgen voor weinig sympathie bij de kijker. Gelukkig is er één ding absoluut aanwezig tussen de hoofdrolspelers: chemie.

De leukste bijrollen zijn voor James McAvoy als Peters broertje Carl (die er zo van overtuigd is dat Peter gaat verliezen, dat hij consequent zijn geld op Peters tegenstanders inzet) en Jon Favreau als Peters Amerikaanse agent, die overal een financieel slaatje uit weet te slaan. De film is van de makers van ‘Notting hill’, ‘Bridget jones’ en ‘Love actually’, dus deze koningen van de ‘romkom’ hebben wel een naam hoog te houden. En jawel, dat is ze weer gelukt.